Actueel
Recensie pesten (zie
ook Protocol tegen pesten
elders op deze website)
Volkskrant, 15 april 2001
Als je gepest wordt, kun je niks
Marieke Henselmans
Plagen hoort erbij, maar pesten is ongelijkwaardig en hoort er niet bij. De ouders van de pestkop houden hun kind de hand boven het hoofd. De school zegt: het ligt
Bea, (niet haar echte naam) werd op de basisschool behoorlijk gepest. Ze leerde van haar ouders dat schelden, schoppen en slaan geen behoorlijke methoden zijn om problemen op te lossen. Haar ouders hebben daar nu spijt van. Ze was een vriendelijk kind, oprecht, aardig, beleefd. Pas aan het eind van groep vijf vertelde ze ineens, hevig in tranen: 'Ik mag nooit meedoen, nergens mee.'
In die zomervakantie ging ze voor het eerst op kamp. Ze kwam uitgelaten, levenslustig en vrolijk terug: niemand had onaardig gedaan! Dedocent in groep zes constateerde dat Bea werd buitengesloten, niet een beetje, maar voor 100 procent. De docent sprak erover met de klas en dit hielp een beetje. De twee grootste pestkoppen, een jongen en een meisje, konden niet makkelijk aangesproken worden. De jongen kwam uit een probleemgezien, liep veel over straat en haalde wel meer rottigheid uit.
De aanvoerder van de pestende meisjes was dochter van een docent. Eenmaal zat die dochter boven op de op haar rug liggende Bea en kneep haar keel dicht. Een voorval waar Bea nog wel eens een nachtmerrie over heeft. Saillant detail: de moeder van de pestkop stond toe te kijken en deed niets. Op de verontwaardigde vraag van Bea' s ouders 'Waarom greep je niet in?' antwoordde zij: 'Ik hoopte dat Bea iets terug zou doen, dat was goed geweest voor haar zelfvertrouwen.' Maar Bea was verlamd van angst. Heeft behalve in haar hart ook in haar hals een litteken van deze vechtpartij.
De overheid ontwikkelde de Campagne 'Veilige school,' met als doel het taboe rond pesten en geweld op scholen te doorbreken en de veiligheid te verbeteren. Uit het laatste onderzoek blijkt dat het wapenbezit onder scholieren iets is afgenomen, maar dat ondanks alle inspanningen en campagnes het geweld gelijk bleef.
Onderzoeker Ton Mooij pleit voor het vroegtijdig opsporen van risicoleerlingen. Door 4- à 5-jarige jongens met problemen thuis of met een taalachterstand positief te stimuleren, zou mogelijk voorkomen kunnen worden dat zij zich later ontwikkelen tot pestkopen of geweldplegers.
De sceptici en de cynici zullen zuchten: ach jongens, laten we nu niet overdrijven. Een beetje pesten hoort er bij. Worden ze hard van. De wereld is ook hard. Psycholoog Bob van der Meer deed onderzoek naar pestgedrag en hij beweert het tegenovergestelde. In intervieuws en publicaties wijst hij erop dat de gevolen van pesten ingrijpend zijn.
Tineke van Tilborg, voorzitter van de Stichting Stop Het Pesten (SHP), pleit voor het werken met zulke contracten, mits er duidelijke afspraken zijn over wat te doen bij overtreding van de regels. De Stichting SHP biedt een luisterend oor aan ouders van gepest kinderen. Ze geven advies en bemiddelen soms tussen ouders en school. De voorzitter krijgt honderden telefoontjes van vooral ouders. 'Hun verhaal komt steeds op hetzelfde neer. Het kind wordt gepest. De pestkoppen ontkennen, echt altijd. De ouders van de pestkop houden hun kind de hand boven het hoofd. De school zegt: het ligt aan het gepeste kind of aan het gezin. Veel ouders doen hun kind maar naar een andere school. Waarom laat men het pesten niet vallen onder de brede noemer van ongewenst gedrag? Het meest vernederende voor kinderen en ouders is dat ze niet geloofd worden.'
Een gepest kind raakt beschadigd en kruipt steeds verder in elkaar. Zoals de Stichting SHP aangeeft, zijn er nog steeds docenten die de schuld van een escalerende situatie leggen bij het gepeste kind, de zogenaamd bemoeizuchtige of overbeschermende ouders. Blaming the victim dus. Bij seksuele intimidatie kun je daar ook niet mee aankomen: ze wilde heus zelf, of nee, ze maakte het er naar.
Alles draait om de docent die ondubbelzinnig duidelijk moet maken welk gedrag niet acceptabel is. Niet bang zijn voor de ontkennende pestkop en diens mogelijk agressieve ouders. En de zwijgende middengroep aanspreken. Bob van der Meer in Het Parool van afgelopen december: 'Er zijn mensen die meedoen uit angst en mensen die meedoen om er beter van te worden. Je hebt toeschouwers die niets doen en je hebt er die het af en toe opnemen voor het slachtoffer. Zo gaat het bij pesten op school, bij mishandeling in het gezin en zo ging het in de oorlog met de shoah.'
In de lessenserie Goede Manieren (1996) wordt uitgebreid aandacht besteed aan het pestgedrag in de groep. De lessenserie, geschikt voor kinderen vanaf 7/8 jaar, behandelt de problematiek bovendien in een cultureel/levensbeschouwelijk kader (de Jozefnovelle uit het bijbelboek Genesis). De lessenserie kwam tot stand met medewerking van Bob van der Meer.