Uit 'vpcs
krant'
Emmy
Stark
Workshop 'Verhalencarrousel'
Om de kennismaking
met religies en levensbeschouwingen voor kinderen zinvol te maken, heeft Echelon
gekozen voor de methode van exemplarisch leren. Daarvoor wordt een thema of
voorbeeld (exemplaar) uit het grote geheel gelicht, dat op dat moment relevant
is. De samenhang tussen en met andere thema's is belangrijk. Met de opgedane
kennis ontdekken we dat andere thema's van het grote geheel begrijpelijker worden.
Uitgangspunt hierbij is dat de belevingen en ervaringen van de kinderen centraal
staan waarmee de communicatie tussen kinderen een stimulans krijgt, ze leren
van elkaar en krijgen begrip van/voor wat anders is.
Zo luidde
de inleiding van de workshop die gegeven werd door Jos van Remundt van de stichting
Echelon. Echelon bestaat sinds 1987 en is opgericht om scholen te helpen met
het vormgeven van hun identiteit. "Bijzondere scholen liepen aan tegen
de gevolgen van de maatschappelijke veranderingen", vertelt oprichter Van
Remundt. "De secularisatie was al ver voortgeschreden. Nog maar een minderheid
van de leerlingen had een religieuze achtergrond." Veel van het toenmalige
onderwijsmateriaal
Echelon maakt onderwijsprojecten en leermiddelen voor levensbeschouwing, communicatie
en identiteitsontwikkeling en geeft die uit. "We gaan uit van de realiteit
van onze huidige, in veel opzichten complexe maatschappij", stelt Jos van
Remundt. "Tegelijk willen we aansluiten bij de belevingswereld van de kinderen."
Zelfs jonge kinderen hebben volgens Van Remundt al een impliciete levensbeschouwing.
"In groep 3 kiezen ze welke kinderen er op hun verjaardagsfeestje mogen
komen. Ze ontwikkelen voorkeuren en meningen. Daar kun je als leerkracht gebruik
van maken."
Exemplarisch
leren
Het motto van Echelon luidt: geef ze geen boodschap, leer ze boodschappen doen.
Hij noemt als voorbeeld de klas waar binnen enkele weken tijd drie grootouders
van leerlingen overleden. "Als leerkracht krijg je te maken met verschillende
overtuigingen; het ene kind gelooft wel in de hemel, het andere niet. Hoe ga
je daarmee om? Volgens ons moet je de kinderen serieus nemen. Ga een open gesprek
aan over de dood, laat ze vertellen wat ze zich voorstellen bij de dood."
Op dezelfde wijze kun je in de klas aandacht besteden aan de verschillende levensbeschouwingen.
Niet door ze een boek te geven waarin staat: zo denken de katholieken, zo denken
de boeddhisten en zo denken de islamieten, is de overtuiging van Van Remundt.
"Vertel ze een verhaal, dat exemplarisch is voor het denken binnen een
bepaalde geloofsovertuiging. Praat erover met ze, sluit aan bij hun eigen ervaringen:
hoe gaat dat bij jullie thuis. Kinderen hebben genoeg in huis om verbanden te
leggen."
Doorvragen
Deze aanpak volgde hij ook in de workshops. Helemaal tevreden over de resultaten
was hij niet: "Helaas was de tijd te kort om het helemaal uit te kunnen
diepen. Ik had ook het idee dat niet iedereen precies wist wat te verwachten
van de workshop." Het is ook best lastig om je werkwijze om te gooien als
je gewend bent om met een methode te werken, geeft hij toe. Het belangrijkste
is volgens hem ervoor te zorgen dat de leerlingen zich veilig voelen in de groep.
Als leerkracht moet je over een grote dosis inlevingsvermogen beschikken, en
niet te snel je conclusies trekken. Hij noemt een voorbeeld: tijdens een kringgesprek
vroeg een leerkracht aan de leerlingen wat ze gevaarlijk vonden. De een noemde
auto's, de volgende een tractor "O, ze hebben het over speelgoed",
concludeerde de leerkracht. Maar in een dorp in de buurt was een man overleden
bij een ongeluk met een tractor "Je moet doorvragen, ook als het om moeilijke
onderwerpen gaat. Je staat ervan te kijken wat er allemaal uit die kinderen
komt."